5 vragen aan Green Business Club: “Zuidas wil windmolen in Flevoland leasen”

5 vragen aan Green Business Club: “Zuidas wil windmolen in Flevoland leasen”

Annemarie van Doorn is voorzitster van de stichting Green Business Club en bestuurslid bij de Dutch Green Building Council. In een interview met EnergieVastgoed vertelt ze wat de doelstellingen zijn van deze stichting. Van Doorn: “Met de Zuidas in Amsterdam willen we graag een windmolen leasen in Flevoland”.

1. Wat is de functie van de stichting Green Business Club?
Van Doorn: “De Green Business Club wil de samenwerking tussen het bedrijfsleven en de overheid stimuleren. Met een aantal bedrijven in de Zuidas zijn we gestart met de doelstelling om de Zuidas te verduurzamen. Samen met het Bureau Zuidas van de gemeente Amsterdam hebben we mede de agenda bepaald van duurzaamheid, energie en mobiliteit en de financierbaarheid daarvan. Ook in Rotterdam wordt momenteel een Green Business Club gestart. Het komend jaar willen wij in Nederland tenminste 10 Green Business Clubs hebben gerealiseerd. De kloof tussen de overheid en het bedrijfsleven wordt verkleind door de verbinding met elkaar te zoeken. Zo wilde een Rotterdams bedrijf een aantal oplaadpalen voor haar kantoor realiseren. Dit bedrijf heeft binnen de Club een oplossing hiervoor gevonden met de gemeente Rotterdam, die ook bij de Club is aangesloten”.

2. Merkt u dit jaar op de Provada een verschil met vorige jaren?
Van Doorn: “Je hoort het woord samenwerking meer. En partijen houden meer rekening met de mensen in het gebouw dan de gebouwen zelf. Iets waar ontwikkelaars eerder niet mee bezig waren. Ondanks de mooie verhalen vind ik dat er in Nederland nog teveel gepraat wordt en te weinig gedaan. Meer ambitie en tempo is hoognodig. Denk aan energiepositief bouwen en duurzame gebiedsontwikkeling. Ik was laatst in Vancouver waar enkel Toyota Priussen rondrijden. Dat is een geheel andere beleving van een stad, stil en schoon. Hoe krijgt Vancouver dat voor elkaar en wij niet? De overheid durft het hier niet aan.
Ik denk ook dat de regelgeving vanuit de overheid flexibeler kan. Maar ook het bedrijfsleven moet power tonen en meer de samenwerking met de overheid zoeken”.

3. Een van de projecten van de Green Business Club is de Green Finance Lab. Wat houdt dat in?
Van Doorn: “We willen met de partners binnen de Zuidas graag een windmolen leasen in Flevoland. In Flevoland is er een overschot aan windenergie. Waarom daar geen windmolen neerzetten met een sticker van de Green Business Club? Vaak wordt er bij een project te laat naar de financiering gekeken. Nu kunnen we vanaf het begin een bank erbij betrekken (ABN-AMRO) en een adviseur (Deloitte) zodat we de juiste stappen zetten in zo’n proces. Dat werkt. Voor banken is het een voordeel dat ze op een andere manier met hun klanten in aanraking komen. We willen ook de Rabobank bij de Club betrekken. Als je samen projecten werkt dat heel goed, beter dan alleen maar babbelen en participeren”.

4. Is de Green Business Club opgericht om uiteindelijk opgeheven te worden?
Van Doorn: “Absoluut. We hebben een rol verworven omdat samenwerking niet automatisch gebeurt. We zijn afhankelijker van elkaar geworden en daarom is samenwerking nodig. Durven erkennen dat je het niet weet en niet in je eentje kunt. Binnen de Green Business Club op de Zuidas werken ook concurrenten met elkaar samen. Het is nodig om elkaar open tegemoet te treden om veranderingen teweeg te brengen”.

5. In september wordt de Dutch Green Building Week georganiseerd. Kunt u als bestuurslid van DGBC een tipje van de sluier geven?
Van Doorn: “De participanten van de Dutch Green Building Council kunnen tijdens de Dutch Green Building Week laten zien wat ze op het gebied van duurzaam vastgoed doen. Ook willen we de samenwerking tussen bedrijven en gemeenten stimuleren. Dit jaar is festivallocatie de Zuidas, maar er worden ook op Schiphol, Rotterdam, de Floriade evenementen georganiseerd. Als je weet waar partijen mee bezig zijn, helpt dat het proces van verduurzaming versnellen”.