Aantal koopwoningen met energielabel stijgt hard

Aantal koopwoningen met energielabel stijgt hard

In het tweede kwartaal van dit jaar is het aantal transacties van koopwoningen voorzien van een energielabel gestegen tot zo’n driekwart. Eind vorig jaar was dat nog maar 15%. Analyse van de transacties geeft een beeld van de waarde van een labelklasse.

Al een aantal jaren wordt het effect van een energielabelklasse op de verkoopwaarde van een woning, en de tijd die nodig is voor verkoop, onderzocht door het TIAS VastgoedLAB van de TIAS School for Business en Society in Tilburg. Onderzoeksleider Prof. dr. Dirk Brounen doet hiervan ieder kwartaal verslag. Over het afgelopen kwartaal is het aantal verkochte woningen voorzien van een energielabel opnieuw gestegen, tot boven de 70%. Over het eerste kwartaal was dit nog ongeveer 60% en eind vorig jaar nog maar 15%. Hoewel het sinds 1 januari 2015 verplicht is om bij verkoop een woning te (laten) voorzien van een energielabel, in ruim een kwart van de gevallen wordt dit nog niet gedaan.

Waarde labelsprong

Nu steeds meer transacties gelabelde woningen betreffen, wordt het beeld van waardeverschillen per labelklasse betrouwbaarder. De bandbreedte in verkoopwaarde van gelabelde woningen bedraagt gemiddeld ruim 20.000 euro, als we naar de afgelopen drie kwartalen kijken. Een label-A woning levert ruim 5000 euro meer op dan gemiddeld, (ruim 2%), en een label-G woning 15.000 euro minder. Hoewel deze getallen per kwartaal iets fluctueren, blijft de bandbreedte ongeveer gelijk. Het effect voor de verkoopwaarde is het grootst bij label-A en label-G woningen. Voor de labels B, C en D is de financiële meerwaarde zeer beperkt. Het kan dus lonend zijn om voor verkoop een aantal verbeteringen aan de woning te realiseren, voor een hogere Energie Index en de daarmee samenhangende, vereenvoudigde labelklasse.

Verkooptijd

De doorlooptijd van woningen met een label A of B is significant korter dan woningen met de ‘slechte’ labels F of G. Dat was vorig jaar nog een feit; wellicht vanwege de waarde van het toenmalig label, opgesteld door een EPA-adviseur aan de hand van 150 in de woning opgenomen kenmerken. De doorlooptijd voor verkoop fluctueert sindsdien nogal; vorig jaar werden groen gelabelde woningen bijna 90 dagen eerder verkocht, over het eerste kwartaal van dit jaar was dit 20 dagen en over vorig kwartaal weer bijna 50. Het is ook nog maar de vraag of het energielabel in de huidige vorm voor kopers een belangrijk aankoopmotief is. VBO makelaars, de branchevereniging van makelaars in onroerend goed, zegt van niet: volgens 90 procent van de VBO-makelaars laten potentiële kopers het energielabel niet meewegen bij de koopbeslissing.

Voorbarige conclusie

Het effect van het energielabel op de waarde en verkooptijd van een woning zoals gekwantificeerd door de onderzoekers, behoeft geen verbazing. Voor vrijwel iedere huizenkoper zal de gemiddelde rijtjeswoning die net is voorzien van ‘triple HR glas’, een nieuwe HR-ketel en een vers likje verf meer waarde vertegenwoordigen dan de vergelijkbare woning verderop die dat nog niet heeft. Daarnaast krijgt een potentiële koper inzage in de gegevens van de woning, waaronder de kosten voor energie. In bovengenoemd kwartaalverslag is Dirk Brounen dan ook te voorbarig. ‘Steeds meer kopers en verkopers herkennen de waarde van de informatie die het label heeft ten aanzien de toekomstige energiekosten van hun woning en prijzen dat bij de aankoop al in’, schrijft hij, zonder duidelijk te maken waarop hij dit baseert.

Dit verdient aandacht, omdat het energielabel in de huidige vorm compleet verwaterd is en de energie-index niet meer tot stand komt door opname op locatie, zoals altijd het geval was. Het huidige label is een doe-het-zelf label, gevalideerd door een ‘expert op afstand’. Een methode die niet overeenkomt met Europese regelgeving en dan ook nog steeds onderwerp is van kritiek uit Brussel (‘Kaartenhuis energielabel wankelt‘). Op deze site noemen we het label dan ook consequent het ‘natte vinger label’.

Versnellen verduurzaming bestaande woningvoorraad

Toch is het continu onderzoek van Brounen c.s. van belang en mag het een permanente graadmeter worden. Verhuurders en woningcorporaties zijn actief met het verduurzamen van hun woningbezit naar ‘passief’ of energieneutraal (nul-op-de-meter). Voor de subsidieregeling STEP en het fonds FEH gaat het om het realiseren van meerdere labelstappen. Financiering van grootschalige woningverbetering ligt uiterst lastig. Maar waardering van het woningbezit mede op basis van de uitkomst van het onderzoek naar waarde per labelklasse zou daarbij kunnen helpen.